ECHTSCHEIDING OP GROND VAN ONHERSTELBARE ONWRICHTING (EOO)

Deze echtscheidingsvorm werd ingevoerd door de wet van 27 april 2007 en is van toepassing op alle procedures (behoudens de E.O.T) die gestart zijn na 1 september 2007.
De echtscheiding wordt voortaan uitgesproken op grond van de onherstelbare ontwrichting van het huwelijk en is schuldloos.

Er zijn drie mogelijkheden om deze onherstelbare ontwrichting vast te stellen:

A. Het bewijs wordt voorgelegd van een foutief of niet-foutief gedrag van een van de echtgenoten waaruit de rechtbank kan afleiden dat het voortzetten van het huwelijk onmogelijk is geworden bv. partnergeweld,
overspel, geestesstoornis…
De echtscheiding wordt in dat geval onmiddellijk uitgesproken.
 
B. De feitelijke scheiding waarbij een onderscheid moet gemaakt worden naargelang de echtscheiding wordt aangevraagd door één echtgenoot of door de beide echtgenoten:
- Indien de echtscheiding wordt aangevraagd door één echtgenoot dan moet het bewijs voorgelegd worden dat de echtgenoten minstens één jaar feitelijk gescheiden leven. Als dit niet het geval is dan stelt de rechter een nieuwe zitting vast één jaar volgend op de aanvang van de feitelijke scheiding.
Een echtscheidingsvonnis volgt op deze tweede zitting.
- Indien de echtscheiding wordt aangevraagd door beide echtgenoten dan moet het bewijs voorgelegd worden dat de echtgenoten minstens zes maanden feitelijk gescheiden leven. Als dit niet het geval is dan stelt de rechter een nieuwe zitting vast zes maanden volgend op de aanvang van de feitelijke scheiding of drie maanden na de eerste verschijning voor de rechtbank.
Een echtscheidingsvonnis volgt op deze tweede zitting.

C. Het herhaald verzoek van één van de echtgenoten of van beide echtgenoten om uit de echt te scheiden.
Hiermee is de mogelijkheid ingevoerd om uit de echt te scheiden zonder een voorafgaande feitelijke scheiding:
- Indien de echtscheiding wordt aangevraagd door één echtgenoot en de andere echtgenoot niet akkoord is dan moet een reflectieperiode van één jaar worden nageleefd. De rechter stelt een nieuwe zitting vast, één jaar na de eerste zitting.
Een echtscheidingsvonnis volgt op deze tweede zitting.
- Indien de echtscheiding wordt aangevraagd door de beide echtgenoten of door één echtgenoot en de andere zich daarmee akkoord verklaart dan moet een reflectieperiode van drie maanden worden nageleefd. De rechter stelt een nieuwe zitting vast, drie maanden na de eerste zitting .
Een echtscheidingsvonnis volgt op deze tweede zitting.
Het duurt dus in elk geval een aantal maanden vooraleer de echtscheiding tussen partijen is uitgesproken.
Indien een van de partijen dit wenst kan de rechtbank, voor de periode dat de echtscheidingsprocedure hangende is, dringende en voorlopige maatregelen treffen.